Leven is een kaartspel 52

28 02 2009

Hartenheer:

Zet water op. Voor thee.

Ongeveer een jaar geleden had Vuur een avondje poëzie gepland en had ik gesolliciteerd voor de functie ‘gezelschap’. Zij nam een ander fijn iemand mee en gaf me een paar weken later op het feestje van voorgenoemde fijne persoon een heel mooi kadootje, als om de poëzie tot bij mij te brengen.

Vandaag (25/02/2008) programmeerde ik (lang leve WordPress) de zinnetjes van het kaartspelletje dat ik van haar kreeg. Gedurende een jaar lang (a ja, een kaartspel telt 52 kaarten) gaf ik jullie op zaterdag een smaakje van de woorden van Bart Moeyaert.

Hopelijk vond je het mooi. Dank je wel, vuurtje!





27 02 2009

Het lijkt alsof ik mij oscargewijs vergist heb in de hoeveelheid botox. Links is mijn mond compleet Angelina Jolie. Rechts nog steeds Calista Flockhart. Rechts is normaal. Links is een probleem. Qua overtuiging niet. Dan is het omgekeerd.

Mijn favoriete, geliefkoosde en meest gekoesterde hobby moet eraan geloven. Ik kan niet meer kussen. Ik ‘zweer’ het. Daar lijkt het toch op.





Pest eens een vriend

26 02 2009

Wij zijn mensen met een missie. Op alle vlakken in ons leven. Wij zoeken eetgelegenheden die zich als dusdanig profileren. Dit eethuisje alwaar wij ons te goed zouden doen aan ‘Ontbijt met Bubbels‘ zegt dat te hebben. Een dubbele missie zelfs. Tenminste … zo staat het in het boekje.

Rustig genieten. Van een uitgebreid gamma ontbijt- en lunchgerechten. Zwart op wit.

Ogottocheere. Om het ware hotelgevoel te kunnen verwerven zitten ze wel goed. Binnenkomen en een opgetrokken lip en gefronst voorhoofd van de ‘gastvrouw’ krijgen als begroeting. “Wie zegt u?” Na drie maal werd ik begrepen en begreep ik ook waarom zij me niet verstond. De decibels die in dit ‘rustig’ eethuisje werden geproduceerd, deden mijn begripsniveau met rasse schreden stijgen.

Onze tafel werd ‘gezellig’ gedekt met een papieren laken dat de rimpels van onze voorgangers nog vertoonde, alsook de kruimels. Hans en Grietje werden wij.  Het spoor leidde ons tot een koeltoog waarin elk beleg verloren liep. Want alles was er zelfservice. (Met bijna trotse ondertoon)

Dus we gingen op zoek. Na een tijdje nauwkeurig speuren ontdekte we de 2 soorten kaas, de drie soorten beleg en de uitgeslagen slaatjes in drie minuscule kommetjes. Er waren twee potten choco. Het mes fier rechtop.

De koffie en thee waren ‘bij te tanken’. Er heerste een ware oorlogssfeer om meer dan één schijfje citroen te bemachtigen. De door-een- afwasmachine-mishandelde-bordjes getuigden van intensief gebruik. We vragen ons nog steeds af door wie?

Als haringen in een ton, sardientjes in een blik schoven we aan om gretig toe te tasten bij de kledderige roereieren en vers uit de toog genomen spek. Volgens mij had dat wel ergens een pan ontmoet maar het was een kortstondige affaire geweest; het spek met eieren onderonsje.

Ondertussen vergezelde de boormachine ons op onze weg. De soep werd ter plekke gemixt door iets dat mijn vader vroeger ook gebruikte toen hij aan de kathedraal van Antwerpen werkte. Zonder gène gaf de mevrouw van het huisje de geheimen prijs van haar ‘heerlijke’ chocomelk en ontbijtgranen. Bij een tekort (zo iets om de tien minuten) haalde ze de pakken boven en goot ze ‘vrolijk’ de kommetjes in de toog nog eens vol. Nu ja, vrolijk. Eénmaal kwam ze langs en vroeg toen – op de toon van een ware Meesteres – : “Smaakt het?” Wij knikten deemoedig. Een Meesteres spreek je nu eenmaal niet tegen.

Het glaasje cava was lekker. De toiletten waren olijk geschilderd. Tot daar ons genietmomentje. Wij zijn gaan lopen. Niemand zei er ‘bedankt en tot ziens’. We namen onze jas en renden naar de auto. Weg van daar. Weg van de bongo-hel.

Om wat te bekomen en onze feestelijkheden recht aan te doen karden we naar een koffiehuis in de buurt.

Vlindervormige suikerklontjes met wolkjes van chocola. VIJF schijfjes citroen bij een mooi zwart, zwaar chinees theepotje dat zoete gesprekken herbergt. Norah Jones zingt ons de hemel in. Zelfs de rokershoest van de buurman op minstens een meter afstand, stoort niet meer. De lach van de serveerster, de stilte van de tassen … het deed deugd. Daar betaalden wij graag 5,70 euro voor.

Dipfico … ik volg u. Compleet!





You win me over – Sarah

25 02 2009

Vandaag 11 jaar … de mijne … I win, I win!





Huwelijkscrisis op aanvraag!

24 02 2009

Tenenkrullend plaatsvervangend tantengeknars.

Gratis recept indien u een vervroegde scheiding wil: Als chagrijnige, ik-heb-er-verdomme-genoeg-van, vermoeide, gefrustreerde echtgenote bel je even Help, mijn man is een klusser.

Wanneer u vindt dat uw vrouw de meeste luie, vieze, en ongeorganiseerde klaploopster is én u haar liever kwijt dan rijk bent, contacteer Sien en Maria om uw huis volledig proper te maken.

Manlief en ik kunnen u garanderen dat u sito presto van alle zorgen verlost bent. Een stevig onderbouwde psychologische analyse is namelijk inbegrepen. Wat? Waarom? Hoe kwam je daar toe? Vind je jezelf niet egoistisch? Hoe kan je daar in godsnaam mee leven? Uw soon-to-be-ex man of vrouw wordt volledig afgebroken, met de grond gelijk gemaakt én krijgt het (niet door hem/haarzelf) gevraagde advies dat ervoor zorgt dat zij/hij een diepe innerlijke beschouwing zal aanvangen.

Alle levensvragen beantwoord én tevens een goedkope oplossing. Uw partner is zodanig op zijn hart getrapt dat hij/zij mét plezier zijn schup afkuist.

Eén nadeel: de notariskosten zijn niet inbegrepen. Daar draait u zelf voor op. Overweeg de afweging: een nieuwe badkamer/keuken die uw man al anderhalf jaar belooft, een met de tandenborstel uitgekuiste diepvriezer die u in staat stelt om eindelijk ook effectief te eten wat er in zit maar als toetje een separate toekomst. Of u blijft in de rommel zitten, maakt af en toe eens knallende ambras over alles wat niet in orde geraakt maar geniet regelmatig van een heerlijke goed-maak-vrijpartij mét romantische backing-vocals.

Aan u de keuze. De onze is na een avondje John Williams wel gemaakt.





Wij lachen wat af

22 02 2009

Zondagochtend. Bijna middag. Ontwaken. Lui, langzaam, loom. Glimlachen. Praten. Van een evaluatie van de gezellige zaterdagavond tot ‘wie gaat er naar de bakker?’. (Waarop ik het antwoord al weet want dat is hier altijd (het)dezelfde)

Grapjes maken. Lachen. Onnozel doen. Plots zegt hij: “Ik zen nogal ne keirel, eh.” Ik antwoord droogweg: “Ja, mé u kunde lachen.

Van Vlees en Bloed-conversaties in bed. Tja … Wij durven nogal wat zeggen!

En nu ga ik een ‘toereke doen’ naar de beenhouwer. Joepie!





Verrijzenis

21 02 2009

Pasen valt wat vroeger dit jaar. Vandaag namelijk.

Ik stap op. Ik sta op. Mijn winterslaap is voorbij.

Begraven was ik. Onder zwarte grond zonder kiemen. Onder donkere dekens zonder dons. Sommigen noemen dat depressief. Ik noem het winterslaap. Al jaren gaat dat zo. Verwelk ik. Versomber ik. Meestal van november tot maart. Meestal zwijg ik dan. Is het stil aan deze kant van de lijn. Mensen vinden dat eng. Weten niet hoe ermee omgaan. Of laten gewoon ook niets meer horen. Ik heb daar last van. Ik zeg er niets over en ben mijn eigen vrolijke zelf. Niemand ziet het. Mijn rugzak. Mijn winter-coma.

Elk jaar wordt hij langer. Deze keer was het kort maar zwaar. Intens. Twee maanden geen Tantieris. Geen Iris. Twee maanden huilerig en ziek. Letterlijk en figuurlijk.

Vorig weekend kwam de ontploffing. Het was kantje boordje. De afgrond lonkte. Ik werd verleid. Om te springen. Om te duiken. Jezelf laten gaan kan zo heerlijk zijn. Gewoon liggen en je overgeven aan de golven van Doem. Geen Duel. Volledige Capitulatie.

Maar de woorden van iemand die me meer pijn deed dan ik ooit meemaakte, gaven kracht: “Je kan er voor kiezen om op te staan. Om uit de Doemdenkerij te stappen. Dan kan je het gewone leven weer in. En aan.”

Dus ik kies. Om te gaan. Kleine babypasjes. Schuifelen door de living en het leven.

Door twee maanden gewichtloosheid moet ik opnieuw leren stappen. Ik ben Lance Armstrong en Dirk Frimout in één. Een kleine stap voor de mensheid maar een grote voor Tantieris. Ik stap. Op.